Het nut van wanhoop

Wanhoop heeft echt niemand iets aan, dacht ik. Van wat ik ook keek op internet bleek ik niet de enige, die er zo over dacht. En de psychologie bood weer eens geen medicijn, behalve niet doen en hersenen uitschakelen. Ik voelde het weer. Hoofdpijn bij mijn slapen. Dus deed ik zoals elke rechtgeaarde filosoof zou doen. Ik smeet google geïrriteerd aan de kant en las een essay over Aquinas over wanhoop. Zo kwam ik op mijn eigen goede idee.

Wat is wanhoop

Een vrouw van 40, alleen en zonder kinderen, hoef je niet uit te leggen wat wanhoop is. Net als een iemand die door zijn/haar partner mishandeld wordt. Of iemand die in de schulden zit, maar niet in de schuldsanering komt. Wanhoop is zo erg. Volkomen zinloosheid en luchtledigheid van je eigen bestaan, waarin alles maar dan ook echt alles mis gaat. Waarom gaat bij mij alles mis?! Of ik nou linksom of rechtsom of naar boven of naar beneden, het is NOOIT goed. Aan mij ligt het niet meer. Het leven is onmogelijk. Waar had ik dat eerder gezien?

Ineens viel me in dat ik dat ook had met rennen. Ik kan niet rennen. Niet goed. Ik ben daar al op de basisschool vreselijk mee gepest. Bovendien is het nagenoeg onmogelijk om tegen al je leraren en gymleraren in te gaan en in te blijven gaan om ze uit te leggen dat je dat rennen echt niet kan. Ze zien je altijd aan voor lui stuk vreten. Maar dan ging ik het doen en dan lukte het gewoon niet. Ik kon mijn benen niet meer opzij zetten. Ik kan mij voorstellen dat u nog niet van overtuigd bent, dat dit vergelijkbaar is met de wanhoop van anderen, van terminale patiënten, van kinderlozen. Dus ik leg u dat even uit, dan heeft u een beeld.

De ernst van rennen

Een paar leraren gaven het ook toen nog niet op met mij. Die bleven langs me lopen en coachen. Dat hielp helemaal niks. Ik kwam meer dood dan levend over de streep. Een zei dat ik moest blijven ademen, regelmatig ademen. Alsof ik daar zelf nog niet op was gekomen. Maar dat KON gewoon niet. Op de basisschool dacht men dat het astma was maar dat woord kende ik toen niet dus het zei me niets. Iedere week 2 x rondjes lopen die ik niet kon lopen. En hoe ouder je werd, hoe méér rondjes. Terwijl je er nul kan.

Ik had al mijn hoop gevestigd op de gezondheidszorg, waar ik niet of nauwelijks uit kwam. Mijn eenoudergezinouder had meestal geen tijd om “voor zulke flauwekul”naar de dokter te gaan. De dokter was ook verder dan die van anderen. Ik had al mijn hoop gezet op de GGD-arts waar ik om duistere redenen vaak heen moest, maar bij de GGD zeiden ze dat ik daar maar mee naar de dokter moest. Zelf kon ik er ook niet naartoe, want de dokter was te ver. En als ik er was dan was ik er met iets anders veel serieuzers, zoals een grote longontsteking waardoor je er niet eens op komt om ook te zeggen, dat je trouwens ook niet kan rennen.

Ik kwam ook nog bij de fysiotherapeut. Daar kwam ik ook haast niet meer vandaan. Jaren aan oefeningen verbeterden mijn gymprestaties niets. Alles aan mij was verkeerd met waarom het maar niet lukte te rennen maar aan mijn spieren lag het inmiddels echt niet meer. Men kan mij niet verwijten dat ik al voor mijn 18e er alles aan probeerde te doen wat je als kind maar kan doen.

Fast forward door talloze decennia van pure wanhoop: bussen missen, uitgelachen worden door vrienden, ongelovigen te woord staan dat het echt niet gaat, valse beschuldigingen verwerpen, omdat het niets met luiheid of onzekerheid of eigenwijsheid te maken heeft en niet meedoen met talloze sporten waar ik maar niet over zal beginnen. Niks lukte. Waarom ik! Iedereen kan dit!

Zelfdiagnose

Tot ik veel te veel later las van inspanningsastma. Wat is dat? Dat moet ik hebben! Ik las het en sukkelde ermee door, tevreden dat ik zelf een oplossing had gevonden voor wat het was. Oudere collega’s, met minder conditie dan ik en ook nog rokend, liepen ondertussen allemaal trappen op in een trappenhuis met overdruk. Zij konden het wel. Nou ja zij konden het dan ook niet maar hijgten dan nog niet zoals ik. Ik moest wel iets echts hebben. Zoals inspanningsastma.

Afgeschrikt door nooit naar de dokter te gaan, ging ik uiteindelijk toch naar de dokter ermee. Die zei, ja als je adem niet piept, dan heb je meestal geen astma. Moet ik piepen?! Ik kan het echt niet! Hij vroeg me om 10x door de knieen te gaan en weer op te staan. Ook dat wist ik nog van de middelbare school. Dat kán ik niet. Bij de 3e keer was ik zo buiten adem dat de dokter zei, stop maar! Dit is niet normaal. Ik stuur je een verwijsbriefje voor de longarts.

Nou en die deed dan weer een test en inderdaad, t zal weliswaar op de grens en mijn longinhoud was (door jarenlang stikken, waarschijnlijk) ook zo groot dat het niet opviel. Maar inderdaad ik had astma. Niet eens inspanningsastma alleen, maar echt astma. En ik kreeg weet ik veel voorgeschreven en het werkte gewoon. Het werkte al na 2 weken waarin ik kon ademhalen in mijn longen op plekken waar ik daarvoor nog nooit had kunnen ademhalen.

Op mn werk was dan werkfitness. Daar kon ik ook oefenen met rennen. Want mijn knieën waren 33 jaar lang onbelast dus ik moest er toch voorzichtig mee omgaan. Het scheelde ontzettend dat ik me kon vasthouden aan die loopband, met mijn armen. Ik kon zo na een paar weken, met medicijnen, wel een kilometer achter elkaar rennen. Ik geloofde het zelf niet. Het was natuurlijk ook maar een digitaal metertje. Maar naderhand probeerde ik het ook in de buitenlucht. Heel onzeker. Want ik was gewend aan voor paal staan.

Het kon. Ik kon het. En later op mijn 35e heb ik het mijn zus ook nog laten zien. Kijk! Ik kan dit. Het rondje dat ik op de basisschool moest lopen kon ik dertig jaar later eindelijk lopen. Het is niet zo bevrijdend, eerst wel maar als je lopen ook helemaal niet leuk vindt, dan zak je daarna toch in. En voor de mensheid is het ook geen prestatie, een rondje door het park.

Omdat de medicijnen in tijden van financiële nood ook nog eens niet te betalen zijn met alle eigen risico, schoot het er dan toch bij in. Toen was de wanhoop ook verdwenen. Toen werd het luiheid en geldgebrek en terugval en gewoon ouderdom. Een knie kan maar zo weinig aan. Maar daar kan ik me wél bij neerleggen.

Probleemeigenaar

Ik kan nu nog steeds met medicijnen beter lopen dan ooit en als ik het niet gebruik kan ik het weer niet. Ook als de lucht zo schoon is als in Zwitserland, met alle corona. Zonder medicijnen kan ik er niet doorheen rennen.Voor mij staat het dan ook wel echt als een paal boven water. Een hele jeugd lang een ziek kind pesten en treiteren om iets te doen wat het niet kan, dat brengt dat kind enorme wanhoop. Die op zich niet nodig was geweest. Als het probleem niet bij de persoon die er niets aan kon doen, werd neergelegd.

Wanhoop leidt tegelijk tot een volharding, die er niet meer is zodra de oplossing bereikt is. Niet ik maar de wereld moest veranderen zodat ik toegang kreeg tot de hulpmiddelen die ik nodig had. Wanhoop sleurt je door een proces dat zo traag gaat als dikke poep. Wanhoop brengt je een gevoel van onrechtvaardigheid van het lot, zodat je er niet bij neerlegt. Zonder wanhoop had ik de fout ook ten onrechte bij mijzelf neergelegd. Dan was ik doorgegaan met wat niet kon, zoals de gymleraren die me zo ongeveer halfdood de atletiekbaan over trokken. Dat kan misschien een keer. Als ik dat elke keer zo had gedaan, dan was ik er misschien al niet meer. Stikken heeft maar weinig tijd nodig.

Wanhoop is een manier van niet opgeven dat je het opgeeft. Volharden in bij neerleggen wat werkelijk niet gaat, in plaats van doorgaan met een proces dat niet opschiet. En op dezelfde manier volhard ik in dat Tinder niet werkt en dat het meer zin heeft om chocolade te eten op de bank op vrijdagavond dan naar een club te gaan met rotmuziek waar je je niet kan bewegen en je door wanhopig om een paspoort zoekende illegale vreemdelingen en hele lelijke wiskundestudenten een weg te dansen.

Zo is er nog veel te wanhopen. Er zijn veel problemen waarvan ik heb vastgesteld dat het inmiddels echt niet meer aan mij ligt. Ik eet groen, ik scheid mijn afval, ik fiets en nog is de wereld niet groener! Hoeveel vegaburgers moet ik nog meer eten? Wanhoop is zo’n vreselijk gevoel. Als je het hebt, móet je er vanaf. Mensen en mogelijkheden aanklampend.

Wanhoop brengt je naar andere wegen, die je zelf niet zag. Wanhoop zorgt ervoor dat je praat met mensen waar je anders nooit mee zou praten, over je probleem. Wanhoop zorgt ervoor dat je elk redmiddel aangrijpt. Met de moed der wanhoop.

Ook wanhoop is dus heel nuttig.

×
%d bloggers liken dit: