De maatschappelijke schade van Pitbull 2

brrrrrIn 2009 was ik net terug in onze mooie stad. Ik besloot het goede te doen en om mee te doen aan een van de herdenkingen in de buurt. Na afloop dacht ik voor het lokale buurtkrantje nog even een paar plaatjes te schieten en mensen te interviewen. Ik herkende nog eens iemand, ik praatte nog wat met een ander en ik liep nog af op iemand waarvan ik dacht dat hij me wel een van die kopjes koffie zou uitdelen.

Ik kwam toen een ambtenaar tegen die ik nu maar naamloos zal laten. Hij had in elk geval een zwart blokje voor zijn ogen, een dikke bierbuik, grijsblonde pijpekrullen en een algehele smoezeligheid. Ik vergeet nu bijna de zweetplekken in  zijn hemd, maar die staan zo op mijn netvlies gebrand dat ik ze nooit meer kan vergeten.

We liepen naar buiten en hij was flink lallend. Het was een aardige meneer en ondraaglijk beleefd. Daar is het altijd moeilijk afscheid van nemen dus toen hij voorstelde om nog een frietje te eten bij de snackbar toen kon ik daar geen nee tegen zeggen, samen met een andere indisch-achtige mevrouw die ook geen nee kon zeggen.

Toen hadden we dat op en wilden we allebei best nog wel ergens anders wat drinken. Zo gezellig is een cafetaria immers niet how to lose weight quickly. We stonden op het Paul Krugerplein te bedenken waar we nu toch heen moesten. Ome ambtenaar wist wel wat. We konden ook wel bij het Amstel-hotel blijven slapen voor een nachtje. Dat moest je een keer in je leven meegemaakt hebben, zo wist hij te vertellen.

De calvinist in mij werd al gauw wakker en zei nog voor mij uit dat ik dat niet kon betalen. Dat was nog voor dat ik bedacht had wat hij precies zou willen meemaken met ons, twee jongedames, daar in het Amstel-hotel. Gelukkig had de ambtenaar ook wel een oplossing voor dit financieringsprobleem:  Het 4/5-mei comité. Dat zien ze toch niet. Ik keek de collega-vrouw verschrikt aan. En met diezelfde verschrikking keek zij terug.

Een blik van verstandshouding was meer dan genoeg. Op kosten van het 4/5-mei comité nota bene bene met díe dikke bierpens in het Amstel-hotel? Dat is niet serieus. Wat een gotspe. No way. Kein weg. Echt niet. “Volgend jaar, misschien”, zei ik zo gedecideerd mogelijk. Maar ja die vrouw die werkte voor die vent dus we konden hem niet helemaal resoluut lozen.

We zijn uiteindelijk nog wat gaan drinken in een café, waar later nog die liquidatie was. Toch een biertje dan maar. Het gesprek had vooral plaats tussen mij en haar, en af en toe lieten we die mafkees ook nog aan het woord. Na een rondje hadden we allebei genoeg en hebben we hem afgepoeierd met de mededeling dat het vreselijk gezellig was, elkaar aankijkend met het idee dat dit helemaal niet zo gezellig was.

Ik wilde er nog over schrijven voor mijn lokale krantje, maar dat kon niet zonder dat op zijn minst die vrouw meegetuigde. En wat was er nou helemaal gebeurd… Dus dat werd toch al wel zeker met gebrek aan bewijs, iets wat ik maar moest laten schieten. We waren maar met zijn twee. We zouden NOOIT zijn geloofd. Maar nu is het alweer lang geleden en is die man weg en is dit misschien wel fantasie maar waarschijnlijker toch wel heel echt.

En daar kom ik op de maatschappelijke schade van Pitbull.

Mannen, natuurlijk niet allemaal, maar volgens mij toch wel te veel, leven in een soort van waanbeeld, dat zij ook een soort Pitbull zijn. Dat zij ook recht hebben op een dagje leven zoals Pitbull. Hoe kom je toch serieus op het idee als -laten we realistisch blijven- onooglijk ventje, te dik, grijs, tegen de zestig, met zweetplekjes, dat je twee vrouwen van gemiddeld 20 jaar jonger wel mee kan krijgen naar een luxe hotel. Dat dat er gewoon bij hoort. Dat dit de privileges van de gewone ambtenaar zijn.

Blugh. Bluk. Bluaaahhh…..

 

×
%d bloggers liken dit: