The cuckoo condition

Ze schelden de arme koekoek vaak uit voor broedparasiet. Omdat de koekoeksvrouw de eitjes in de nest legt van bijvoorbeeld de rietzanger. Dat maakt mensen verontwaardigd. Zomaar je kinderen bij een ander dumpen en dan gaan die nog voor je kinderen zorgen ook, ten koste van hun eigen kroost. Daarom wordt iemand die zich gek gedraagt in veel talen voor “koekoek”uitgemaakt.  Arme koekoek. Hoe kan de koekoek zichzelf verdedigen tegen al die akelige mensenanalyses.

De mannetjeskoekoek is verondersteld vrij van alle blaam en is groot en sterk en maakt elk jaar lange reizen van Europa naar Afrika en terug. De mannetjeskoekoek is vrij om te gaan en staan waar hij wil, hij kan alles eten wat hij maar wil, het is precies wat mensenmannen ook ambiëren. Alle vrijheid en geen verantwoordelijkheden. Maar op de een of andere manier zijn de koekoeksmannen daar toch heel vreselijk ongelukkig mee, onrustig, jachtig, agressief en opvliegend, voor zover je daarover bij vogels kan spreken.

De koekoek is heel schichtig en teruggetrokken en voelt zich zeer snel aangevallen, met name door zijn soortgenoten. Het is een echte ruziestoker. Zijn havik-achtige uiterlijk maakt iedere vogel aan het schrikken. De koekoek heeft dus alles wat een vogelhart begeert. Hij wordt niet door roofvogels lastig gevallen. De koekoeksman is heel sterk en kan alle kanten op. Hij heeft nooit een probleem met het zoeken van voedsel. Toch is hij schichtig en schuchter en snel aangevallen. En hij heeft een hekel aan andere koekoeks.

En dan de koekoeksvrouw. Zomaar eieren dumpen! Vogelaars kunnen niet begrijpen waarom de koekoeksvrouw zich zo veel moeite getroost om er een goed nest voor uit te zoeken. Ook wordt het jong nog later opgezocht en zonodig bijgevoerd. De koekoeksvrouw die heeft er zo een dagtaak aan om te vliegen als thuiszorg van nest naar nest. Hoe rijmt men dat met het zijn van broedparasiet? Doe dan helemaal je best niet meer als mamakoekoek. De verlatende moeder wordt door mannetjes-vogelaars vooral geassociëerd met onverschilligheid en egoïsme. Hoe kan het dan, dat ze toch niet helemaal onverschillig en egoïstisch is, maar toch als een dwaze vogel voor al die kinderen blijft zorgen. Waarom doet die vrouw dat? Helemaal koekoek?

En nog een ander vogelaar-mysterie. Waarom doet die rietzanger dat dan? Waarom gooit hij dat malle ei niet gewoon zijn nest uit? Dan is hij van alle ellende van zo’n parasiterende schrokop af? Is hij soms gekke Henkie? Dat, of er cirkelt een havik-achtige kwaaie, zwaar gefrustreerde moeder rond het nest. Als klein vogeltje ben je natuurlijk niet in staat om het op te nemen tegen zo’n reuze-roofvogelvrouw.

Ik heb er zo mijn eigen ideeën over. De koekoeksman is te vrij. Zijn haviksstrepen maken, dat hij alles kan eten wat hij wil. Hij hoeft voor niemand bang te zijn. Hij kan alle kanten op. Dus het laatste wat hij doet, is een beetje op en neer naar hetzelfde nest om zijn eigen jongen op te voeden. Die kunnen bovendien van elke koekoek zijn, want andere mannetjes-koekoeken zijn al net zo onverantwoordelijk als deze mannetjes-koekoek. De enige onvrijheid die hij heeft, het koekoeksnest, hoeft hij niet werkelijk te dulden. Vandaar dat zo veel mensen-mannetjes zo jaloers zijn op de mannetjeskoekoek.

De sterkte van de mannetjeskoekoek, daar profiteren de kinderkoekoekjes helemaal niet van. Die zijn moederziel alleen en moeten hun best doen zich zo aangepast mogelijk te gedragen en te veinzen dat ze echt een rietzanger zijn, om maar aan eten te komen. Ze krijgen dan als schrokop niet de ouderlijke liefde en broederliefde die óók een vogel heus nodig heeft. Je groeit op in een nest vol vijanden en je moet hun om een gunst vragen. Je krijgt zo een flinke klap van de molen mee. Je wordt er een rancuneus vogeltje van dat een hekel heeft aan al zijn soortgenoten en verder nog aan alles en iedereen. Je hebt namelijk alles wat je ooit gegeten hebt, moeten bevechten. Om het hardst moeten schreeuwen. Niet bedelen, maar eisen.

De koekoeksjongen worden al vrij gauw zelfstandig en trekken er dan in hun eentje op uit. Ze zijn hun hele leven afhankelijk geweest voor eten van een vogel die niks om ze geeft en die kleiner en minder sterk is. Een vogel die helemaal geen zin heeft, om jou op te voeden, maar wel moet omdat er steeds een soort havik-achtig iets rond zijn hoofd cirkelt. Als je als parasiet wordt beschouwd, raak je ongehecht. Vandaar dat de mannetjeskoekoek geen ruk geven om andere koekoeken. Dat is alleen maar concurrentie. De vrouwtjeskoekoek is maar nodig voor 1 ding… Als die zo nodig daarna eieren moet leggen dan is dat háár probleem.

Vandaar ook dat de mannetjes om het hardst koekoek koekoek roepen en het vrouwtje alleen zachtjes tsjirpt. Dit vrouwtje wíl helemaal niet gevonden worden. Dan kun je vervolgens in je eentje een onmogelijk nest vol lelijke schrokops exploiteren. Want een geboortepil voor koekoeks bestaat er ook niet. Het is de koekoeksvloek. Die lelijke schrokops worden volgepompt met existentiële angst ook maar iets tekort te komen. Niemand heeft een keuze en zo gaat dat generatie op generatie door.

Zo worden ze diezelfde rancuneuze rotvogels als hun vader, die zich groot voordoen, iedereen angst aanjagen en schichtig alle dagen op zoek zijn naar voedsel of hun leven ervan afhangt en niet een dag op hun gemakje op hun nest blijven zitten. Bovendien wil de kwetsbaar veel kleinere koekoeksvrouw helemaal niet met zo’n rancuneuze, gevaarlijke rotvogel op een nest zitten. De mannetjeskoekoek wil zelf al niet op het nest. Dus als je er dan naast gaat zitten, pikt ‘ie je ogen nog uit. En dan hebben je jongen helemaal niemand meer die naar ze omkijkt.

Die koekoeksvrouw staat er dus helemaal alleen voor. Terwijl ze soms wel tien eieren legt. En ja hoeveel eieren eruit komen, dat is maar zeer ten dele een koekoekskeuze. Dat is de natuur! Elke moeder houdt van zijn jongen. Maar helemaal volledig in je eentje tien kinderen opvoeden, daar moet je zelf ook niet aan denken. Als mens hou je dat ook niet vol, behalve misschien met steun van kerk of overheid. Je hebt dan de gemeenschap nodig om die kinderen op te voeden.

En dus moet je je gekoesterde eieren wel bij een ander vogeltje droppen, anders komen ze zeker niet uit. Het “broedparasitisme” is het liefste wat ze hun kinderen aan kunnen doen. Als je echt zekersteweten niet voor je eigen kinderen kan zorgen en je ze wil laten leven, moet je ze te vondeling leggen en een goed pleeggezin uitzoeken en eventueel de boel van een afstand in de gaten houden. Want een mannetjeskoekoek dwingen op het nest te blijven zitten, dat kan geen vrouwtjeskoekoek. De mannetjeskoekoek trapt niet in je evolutionaire haviksstrepen, die heeft hij zelf ook. Die mannetjes kan je niet vastbinden.

Zo kunnen we veel dingen leren van de koekoek. Er is niets gek aan de koekoek. Jij zou het ook zo doen, als koekoek. Of je nu een mannetje was of een vrouwtje. Elke normale moeder geeft om haar kinderen, zelfs de koekoeksmoeder. Dat is de natuur. Van geboren worden als vondeling in een vijandig nest, worden mannetjes een opgewonden standje, dat is ook natuur. Dat een nest niet anders kan bestaan dan als een gedeelde verantwoordelijkheid van man en vrouw, is ook de natuur. Dat mannen die verantwoordelijkheid maar wat graag ontlopen, is ook de natuur. Dat een klein vrouwtje dat mannetje niet kan of wil tegenhouden, is ook natuur. Dat het de natuur is, praat natuurlijk niets goed.

En zo is het dus ook maar de vraag of hier nu sprake is van broedparasitisme of van vrouwtjesparasitisme. Ik denk het laatste, maar als we erom zouden stemmen zou de uitslag fifty fifty zijn. Het is de koekoek’s condition

×
%d bloggers liken dit: